Een schoon en veilig cannabis-extract maken

Een schoon en veilig cannabis-extract maken

STEVEN CASSINI – LACASSINI RESEARCH
Steven Cassini is onderzoeker en oprichter van LaCassini Research, een geregistreerd laboratorium gespecialiseerd in biotechnologie. Daarnaast is Steven oprichter van Qannabis.nl, een online analyse-platform waar men cannabisproducten op inhoudsstoffen kan laten analyseren. In zijn eerste bijdrage op Mediwietsite gaat hij uitgebreid in op de meest veilige en beste manier om een cannabis-extract te maken.

Een schoon en veilig cannabis-extract maken

Extract maken
Het internet staat vol tips over het gebruik van diverse vloeistoffen voor het maken van een cannabisextract. Maar welke vloeistof kun je nou het beste gebruiken? En welke vloeistof is veilig in gebruik? Op deze vrij simpele vragen is opmerkelijk genoeg een deskundig antwoord niet zo snel te vinden. In dit artikel gaan we uitgebreid aandacht besteden aan de effectiviteit en de veiligheid voor het gebruik van diverse vloeistoffen om een cannabis-extract te maken.

Een cannabisextract of concentraat wordt verkregen door plantmateriaal op te lossen in een oplosmiddel waarna het oplosmiddel wordt ingedampt zodat er een extract rijk aan cannabinoïden (de werkzame stoffen in cannabis) overblijft.

Oplosmiddelen
Allereerst beginnen we bij de basis en geldt zoals bij het maken van elk plantextract dat je moet weten welke bestanddelen je uit het plantmateriaal wilt extraheren. Alle planten (dus ook cannabis) bevatten zowel lipofiele (vetoplosbare) bestanddelen als hydrofiele (wateroplosbare) bestanddelen.

De polariteit van een vloeistof bepaalt hoe goed een bestanddeel zal oplossen. De polariteit van een vloeistof wordt bepaald door meerdere factoren zoals de temperatuur, pH en het aantal positieve (+) of negatieve (-) molecuul-verbindingen. Polaire vloeistoffen zoals water mengen niet met apolaire (anti-polaire) vloeistoffen zoals olie of koolwaterstoffen zoals Petroleum Ether. Om deze reden kun je olie dus ook niet mengen met water want olie is apolair (anti-polair) en mengt niet met water (polair).

Lipofiel en hydrofiel
Lipo is de Griekse betekenis voor ‘vet’ en fiel betekend ‘liefhebbend’. Een lipofiel bestanddeel houd dus van vet en zal dan ook alleen oplossen in apolaire vloeistoffen zoals olie. Hydro is de Griekse betekenis voor ‘water’. Het spreekt voor zich dat een hydrofiel bestanddeel dus alleen zal oplossen in polaire vloeistoffen zoals water.

Polariteit van een oplosmiddel
Water is polair en koolwaterstoffen zoals Petroleum Ether, Butaan, Chloroform en Hexaan zijn apolair. Het is van groot belang om te weten dat cannabinoïden alleen goed oplossen in apolaire oplosmiddelen. Bij het maken van een cannabis-extract wil je namelijk zoveel mogelijk cannabinoïden extraheren. Cannabinoïden zijn lipofiel (vet liefhebbend). Hoe minder polair het oplosmiddel is des te sneller en beter de cannabinoïden zullen oplossen.

Om overzichtelijk te maken welke oplosmiddelen van apolair naar polair lopen heb ik een handige polariteitsindex gemaakt. Met behulp van de onderstaande polariteitsindex kun je zien welke vloeistoffen meer of minder polair zijn.
polariteit

Zoals je kunt zien staat water helemaal onderaan en Butaan helemaal bovenaan. Dit betekent dat water het meest polair is en Butaan het minst. Hoe minder polair het oplosmiddel is des te beter de cannabinoïden zullen oplossen.

Beste oplosmiddel
Nu dat we weten dat lipofiele bestanddelen zoals cannabinoïden alleen goed oplossen in apolaire vloeistoffen kunnen we aan de hand van de polariteitsindex een keuze maken uit een aantal oplosmiddelen. Om het juiste oplosmiddel te kiezen dien je rekening te houden met een aantal belangrijke factoren zoals de kwaliteit, de veiligheid en het kookpunt van van het oplosmiddel. Het feit dat een bepaald oplosmiddel ideaal is om de cannabinoïden in op te lossen zegt natuurlijk niets over de veiligheid en de kwaliteit van het betreffende oplosmiddel.

Bij het maken van een cannabis-extract met een oplosmiddel staat veiligheid altijd voorop. Het wil niet zeggen dat het oplosmiddel waar de cannabinoïden het beste in oplossen ook daadwerkelijk veilig kan worden gebruikt. Het is daarom van groot belang om de veiligheidsaspecten zoals het kookpunt en de toxicologische (giftige) eigenschappen van het oplosmiddel goed te bestuderen. Deze informatie staat altijd in het veiligheidsblad (MSDS) van de fabrikant en kun je via Google raadplegen als je zoekt op de naam van het oplosmiddel en daarachter MSDS typt. Bijvoorbeeld: isopropanol MSDS

Kookpunt
Nu dat we een overzicht hebben met apolaire oplosmiddelen moeten we kijken naar het kookpunt van het oplosmiddel. Ook hierbij moet er worden gekeken naar de eigenschappen van de cannabinoïden. Als de cannabinoïde-zuren zoals THC-A en CBD-A behouden moeten blijven dan is het van belang om een oplosmiddel te kiezen met een zo laag mogelijk kookpunt om decarboxylatie van de cannabinoïden te voorkomen.

Een oplosmiddel met een lager kookpunt brengt meestal grotere risico’s met zich mee omdat de gassen tijdens het indampen en het oplosmiddel zelf zeer licht ontvlambaar zijn en daarom niet geschikt om thuis mee te experimenteren.

Selectieve oplosmiddelen
De oplosmiddelen die bovenaan de polariteitsindex staan zoals Butaan, Hexaan en Pentaan zijn het meest apolair en extraheren alleen de cannabinoïden, lipofiele terpenen en de waxen. Deze oplosmiddelen geven een mooi goudkleurig concentraat zonder dat het de polaire bestanddelen zoals chlorofyl (bladgroen) uit het plantmateriaal oplost. Met een selectief apolair oplosmiddel kun je een cannabis-extract maken met een cannabinoïde percentage van 70 – 85%.

Minder selectieve oplosmiddelen
Hoe minder apolair het oplosmiddel des te meer andere bestanddelen er zullen oplossen. Ethanol en isopropanol (IPA) hebben de eigenschap om zowel lipofiele als hydrofiele bestanddelen op te lossen waardoor er dus meer plant-bestanddelen in het extract terecht komen. Hoe langer het plantmateriaal in contact blijft met het oplosmiddel des te meer andere bestanddelen er uit het plantmateriaal worden getrokken. Een extract dat voor langere tijd in ethanol of isopropanol is getrokken heeft een gemiddeld percentage van 30 tot 45 procent.

Omdat cannabinoïden zich in de trichomen bevinden en niet in het blad is het niet nodig om het plantmateriaal uren, dagen of zoals sommigen doen, wekenlang in een pot te laten staan in de hoop dat er dan meer cannabinoïden oplossen. De trichomen bevinden zich op het blad, met name in de toppen.

Oplossen werkzame stoffen
Het afspoelen van de trichomen kan eenvoudig door het plantmateriaal in een pot met ethanol of isopropanol gedurende een korte periode (1-3 minuten) krachtig te schudden en vervolgens te filteren. Hiermee voorkom je dat er teveel ongewenste plantbestanddelen zoals bijvoorbeeld bladgroen mee komt waar het extract een bittere smaak van kan krijgen.

Om de trichomen van het plantmateriaal te spoelen zijn er diverse producten op de markt te verkrijgen zoals de Cannolator van Wernard Bruining of de HPE (High Pressure Extraction) kit van LaCassini Research. Met het afspoelen van de cannabinoïden, zonder het plantmateriaal lange tijd te laten weken in het oplosmiddel kun je met ethanol of isopropanol een gemiddeld percentage behalen van 50 – 65%.

Hoe langer het plantmateriaal in contact blijft met het oplosmiddel des te meer andere bestanddelen er zullen oplossen waardoor het uiteindelijke percentage aan cannabinoïden in het extract minder zal zijn. Het extraheren werkt beter als het plantmateriaal enkele uren in de vriezer heeft gelegen. De trichomen zullen zich dan sneller scheiden van het plantmateriaal en beter oplossen in het oplosmiddel.

Veiligheid en omgeving
De omgeving waar de extractie plaatsvindt en de apparatuur die voor het extraheren gebruikt wordt speelt een grote rol bij de algehele veiligheid. Met de juiste apparatuur kan in een laboratorium-omgeving prima gebruik worden gemaakt van zeer vluchtige en brandbare oplosmiddelen terwijl het gebruik van dezelfde oplosmiddelen in een huis-, tuin- en keuken omgeving levensgevaarlijk kan zijn. Veiligheid hangt dus niet alleen af van de eigenschappen van het oplosmiddel, maar ook van de omgeving waar het extractieproces plaatsvindt en de kennis en zorgvuldigheid van degene die de extractie uitvoert.

Kwaliteit van het oplosmiddel
Er circuleren veel verhalen op het internet over Petroleum Ether en isopropanol (IPA) alcohol en of deze wel of geen residu achterlaten. Onder de term residu wordt verstaan de reststoffen die achterblijven na het volledig indampen van het oplosmiddel.

Of er wel of geen reststoffen (residu) achterblijven heeft alles te maken met de kwaliteit van het oplosmiddel. Een HPLC-grade (hoge kwaliteit) Petroleum Ether of isopropanol (IPA) zal bij volledige indamping absoluut geen andere reststoffen (residu) achterlaten. HPLC is een analyse-methode en de oplosmiddelen die daarbij worden gebruikt in het lab zijn zeer zuiver en bevatten geen kleine hoeveelheden aan reststoffen.

Echter is het gebruik van oplosmiddelen die niet HPLC-grade zijn niet geschikt om te gebruiken voor het maken van een cannabis-extract. Ook als er op de verpakking staat dat het 99,9999% isopropanol betreft is deze niet geschikt. Dit komt omdat de isopropanol is verwerkt en afgevuld in een fabriek waar dezelfde machines worden gebruikt voor het verwerken en afvullen van andere (giftige) chemicaliën.

Niet elk oplosmiddel is veilig om te gebruiken in een huis-, tuin- en keuken-omgeving. [Foto: shutterstock/Tobias Wilcke]
Wat betreft de toepassingen waarvoor de fabrikant de oplosmiddelen maakt (zoals de schoonmaak- of de brandstofindustrie) zijn deze reststoffen geen probleem. De fabrikant is dus wettelijk gezien niet verplicht om deze reststoffen op de verpakking te vermelden. Indien er reststoffen van chemicaliën inzitten met een kookpunt die hoger ligt dan dat van je oplosmiddel dan zal dit terecht komen in je eindproduct.
Dit kan gezondheidsproblemen veroorzaken, want hoewel het op 1 liter slechts een kleine hoeveelheid residu betreft, wordt de hoeveelheid geconcentreerd naar mate je het oplosmiddel gaat indampen. Als er op 1 liter isopropanol 0,1% residu aanwezig is dan kan er na het indampen 1mL aan gevaarlijke reststoffen overblijven in je extract. Bij 1 mL reststof op 5 tot 10 mL cannabisextract is het geen ‘residu’ meer maar een zwaar vervuild extract dat niet geschikt is voor consumptie.

Residu van het oplosmiddel zelf
Ook met een zuiver oplosmiddel kunnen – vooral bij de oplosmiddelen bovenaan in de polariteitsindex – restanten van het oplosmiddel zelf achterblijven in het extract. Het oplosmiddel kan namelijk ingekapseld raken in de hars omdat tijdens het indampen van het laatste beetje oplosmiddel grote en kleine (microscopische) gasbelletjes ontstaan die uiteindelijk zullen uitharden waardoor het oplosmiddel binnen in de gasbelletjes niet weg kan. Deze restanten kan men alleen verwijderen onder vacuüm, bijvoorbeeld met behulp van een vacuümoven.

Gedenatureerde Ethanol
Gedenatureerde Ethanol is ongeschikt gemaakt voor consumptie door andere (giftige) stoffen toe te voegen. Zo kan deze Ethanol worden gebruikt voor bijvoorbeeld industriële toepassingen of de schoonmaak, zonder dat daar overheidshalve accijns over betaald hoeft te worden. De meeste stoffen die worden toegevoegd liggen rond hetzelfde kookpunt als Ethanol en vormen een azeotroop mengsel zodat het middels destillatie niet eenvoudig te scheiden is.

Sommige mensen gebruiken gedenatureerde Ethanol om een extract te maken. De meeste varianten van gedenatureerde Ethanol op de markt zijn niet geschikt om een extract mee te maken en zullen zeker residu achterlaten in je eindproduct. Indien de Ethanol (kookpunt 79 °C) enkel is gedenatureerd met een kleine hoeveelheid oplosmiddel zoals Methanol (kookpunt 65 °C) en van zuivere kwaliteit is dan kan deze wel worden gebruikt om een extract mee te maken. De Methanol zal gezien het lagere kookpunt namelijk eerder verdampen dan de Ethanol. De Ethanol, bijvoorbeeld op nacuro.com, is door de toevoeging van Methanol niet geschikt voor consumptie, maar wel geschikt om een extract mee te maken.

Ethanol (consumptie alcohol 96%)
Als we alles op een rijtje zetten kunnen we stellen dat van alle oplosmiddelen Ethanol (consumptie alcohol) voor de huis- tuin en keuken methode – toxicologisch – het veiligste is, maar technisch gezien niet het meest effectieve oplosmiddel om cannabinoïden te extraheren. Het grote voordeel bij het gebruik van alcohol is dat het ook niet erg is als er restanten achterblijven in het extract, iets dat je met de andere oplosmiddelen absoluut niet wilt hebben.

Daarnaast geldt ook voor alcohol (96%) dat het een vluchtige en licht-ontvlambare vloeistof betreft waardoor het gevaarlijk kan zijn om deze (vooral in grote hoeveelheden) binnenshuis te verdampen. Een ander groot nadeel is dat de Ethanol (96%) geschikt voor consumptie erg aan de prijs is waardoor het maken van een extract, zonder terugwinning, mogelijk niet kostenefficiënt is. De website drank.nl is in vergelijking met andere Nederlandse aanbieders relatief goedkoop met haar Navimer Pure Ethanol (96%). Echter zal het in de omringende landen waar de accijns lager liggen wellicht nog goedkoper kunnen.

Infuseren
Wil je veilig wietolie maken zonder vluchtige oplosmiddelen? Dan kun je de cannabinoïden infuseren in een apolaire (vetachtige) vloeistof zoals olijfolie, kokosolie of een andere gewenste basisolie. Infuseren is het laten trekken van bestanddelen in een vloeistof zoals het maken van een kopje thee. Door de olie te verwarmen en gedurende tijd telkens nieuw plantmateriaal toe te voegen zal de olie steeds sterker worden waarbij je dit proces kunt herhalen tot je de gewenste sterkte hebt bereikt.

Advies van Bedrocan
In de gebruiksaanwijzing van de medicinale cannabis afkomstig van Bedrocan (welke op doktersrecept aan patiënten wordt geleverd) staat opmerkelijk genoeg het volgende advies beschreven:

Bedrocan stelt dat het infuseren van cannabis in water, door er thee van te trekken, de meest geschikte manier is. Op de polariteitsindex staat water helemaal onderaan en weten we nu dus dat water polair is en daarom – in tegenstelling tot wat Bedrocan beweert – het minst geschikt is om cannabinoïden in op te lossen.

Een betere toepassing voor deze ‘thee’ zou zijn het bereiden op basis van warme melk waardoor de cannabinoïden – in tegenstelling tot water – beter zullen oplossen.

Tot slot
Indien je olijfolie gaat gebruiken om te infuseren of om je extract mee te verdunnen gebruik dan altijd een olie die écht koud geperst is. De meeste soorten olijfolie op de markt worden namelijk op industriële wijze geproduceerd door de olie uit de olijven te extraheren met behulp van Hexaan waarbij je – ondanks dat je denkt goed bezig te zijn – alsnog een eindproduct hebt met Hexaan residu.

 

Over Steven Cassini – LaCassini Research
Steven Cassini is onderzoeker en oprichter van LaCassini Research, een geregistreerd laboratorium gespecialiseerd in biotechnologie. Daarnaast is Steven oprichter van Qannabis.nl, een online analyse platform waar cannabis-producten op inhoudsstoffen worden geanalyseerd. Steven schrijft wetenschappelijke en innovatieve artikelen over de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen in de wereld van medicinale cannabis.

Mag mediwietpatiënt >5 planten kweken? Wat mag wel, wat niet?

Mag mediwietpatiënt >5 planten kweken?

Wat mag wel, wat niet?

De 5-plantenregel is maatgevend

Een jaar later probeerde een teler uit Brabant zichzelf te verdedigen in een zaak waarin 34 planten de hoofdrol opeisten, waaronder 27 stekken. Vier planten vielen onder het gedoogbeleid en de overige 30 planten dienden voor medicinaal gebruik, zo voerde de verdachte aan. De verdachte verdedigde zich door te zeggen dat hij lijdende was aan ADHD, maar kon niet goed uitleggen waarom hij uitsluitend afhankelijk was van cannabis. Het hof had geen genade met een pleidooi waarin werd betoogd dat dit voor medicinaal gebruik was. Het vervolgingsbeleid van maximaal vijf planten gold als maatgevend in deze zaak en het verhaal van deze verdachte werd naar de prullenbak verwezen.

 

Het verhaal van de verdachte werd door het hof wel degelijk serieus genomen, hoewel hij geen beroep kon doen op een noodtoestand zoals in de andere zaak. De verdachte werd schuldig verklaard zonder strafoplegging en mocht van de rechter gewoon doorgaan met het telen van vijf planten. Volgens deze rechter mocht de verdachte gebruik maken van alle hulpmiddelen, zoals een lamp, afzuiger etc.

 

 


v-1

5 mei 2015

Regelmatig krijgt advocaat Maurice Veldman vragen van RollingStoned-lezers over de teelt voor eigen gebruik en de toegestane hoeveelheid planten. Kennelijk heerst er de nodige verwarring, en vaak bij medicinale cannabispatiënten. Daarom aandacht voor de juridische aspecten van eigen teelt voor medicinaal gebruik!

Hoge Raad: 49 wietplanten voor eigen gebruik

In 2008 oordeelde de Hoge Raad over een MS-patiënt die, door omstandigheden gedwongen, thuis 49 planten had staan voor eigen gebruik op medische gronden. Na jarenlang procederen werd hij ontslagen van alle rechtsvervolging. Dat betekent dat hij weliswaar het verbod op het telen van cannabis had overtreden, maar hij zich vanwege de zeer bijzondere omstandigheden van dit geval kon beroepen op een noodtoestand. Hij kon simpelweg niets anders en ook justitie had geen beter antwoord op deze bijzondere situatie. Wat maakte dit geval zo bijzonder?

De Opiumwet maakt het mogelijk dat je een ontheffing kan aanvragen op medische gronden. Maar een ontheffing op grond van medicinaal gebruik kreeg deze patiënt niet. Deze worden zeer zelden verstrekt. Dat gebeurt alleen voor medisch onderzoek en aan Neerlands enige staatsteler Bedrocan. De kleine thuisteler die op medisch voorschrift meer dan vijf planten moet kweken klopt tevergeefs aan bij Bureau Medicinale Cannabis (de instantie van het Ministerie van VWS die ontheffingen verleent). In principe ben je dus gewoon hartstikke strafbaar en loop je het risico vervolgd te worden als je met meer dan vijf planten wordt gepakt.

Geen automatisme voor iedereen

Toch kon deze MS patiënt met succes een beroep doen op een psychische noodtoestand vanwege zijn zeer bijzondere omstandigheden. Maar dat betekent niet automatisch voor iedereen dat als je geen vergunning hebt je zonder problemen tientallen planten mag telen voor eigen medisch gebruik. Dat leert ons deze uitspraak.

De betreffende patiënt had geen redelijk alternatief en kon op geen andere wijze aan cannabis van een goede kwaliteit komen dan deze zelf te telen. Hij voerde aan dat aan cannabis uit coffeeshops groeimiddelen zijn toegevoegd, waardoor deze cannabis geen juiste werking had. Bij de cannabis die apotheken verkopen had je destijds de keus uit slechts twee soorten die ook nog eens waren bestraald.  Daarnaast was deze cannabis van matige kwaliteit en erg duur.

300 gram wiet met 1 lamp – ongeacht aantal planten

Daarom was deze ernstig zieke patiënt genoodzaakt om uitsluitend voor eigen gebruik precies zoveel te telen als hij zelf nodig had. Hij teelde altijd onder één lamp van 600 Watt. Eén lamp levert circa 300 gram op en of je nu vijf grote of veertig kleine planten kweekt maakte in zijn ogen geen verschil. Je kan met één lamp niet meer oogsten dan 300 gram. De opbrengst was wat beperkter dan normaal omdat de verdachte op gewone aarde kweekt en niet op steenwol (want dat is meer chemisch en daar is hij overgevoelig voor).

Van belang in deze uitspraak is dat farmaceutische cannabis geen bruikbaar alternatief was en de destijds bestaande problemen rond deze cannabis door een beleidsmedewerker van het Ministerie van VWS schriftelijk was bevestigd. Dit werd door het OM niet ontkend. De destijds door Bedrocan aangeleverde twee soorten werkten niet goed tegen MS. Medicinale cannabis bood geen soelaas.

49 planten, meer dan 5 dus. Mag dat?

Over dit belangrijke punt had de verdachte de volgende verklaring. Hij snoeide alle zijtakken weg, zodat er per plant slechts één top kon worden geoogst. Professionele telers die lampen met een groter vermogen gebruiken kunnen vaak tientallen en soms meer dan 100 toppen van één plant halen. De zo vaak door het OM gehanteerde cijfers van een gemiddelde opbrengst van rond de 28 gram per plant zijn dan ook niet van toepassing op dit specifieke geval. Deze verdachte teelde een hoeveelheid, die precies toereikend was om in de eigen behoefte te voorzien. Eėn oogst was precies wat hij nodig had als pijnbestrijding. Bovendien was zijn handelen uitsluitend ingegeven door de medische noodzaak om de verschijnselen van MS te onderdrukken. Hij verkocht geen grammetje en dat was een belangrijk punt.

Medische noodzaak

Het effect van de cannabis was volgens de behandelend specialisten zodanig positief dat zij niet met het gebruik wilden stoppen. Zij spraken over een meetbare vermindering van de spasticiteit. Ook was sprake van pijnvermindering. Bij gebruik van cannabis trad er een afname op van het toedienen van andere medicatie.

Bij de helft van de gevallen waarin cannabis wordt gebruikt is er sprake van verbetering en levert cannabis een positieve bijdrage aan de kwaliteit van leven. Als andere medicatie niet tot een positief resultaat leidt grijpen behandelaars als laatste middel naar cannabis. Dit pleidooi kwam uit de vele onderzoeken van deskundigen naar voren.

Vanuit verschillende disciplines luidde de conclusie dat deze patiënt geen kant uit kon en door de omstandigheden min of meer gedwongen was om zelf de tientallen wietplanten te telen.

Maar mag je op deze wijze in zijn algemeenheid meer dan vijf planten cannabis voor eigen medicinaal gebruik kweken? Het antwoord luidt nee, dit verhaal biedt zeker geen vrijbrief voor iedereen om tientallen planten op zolder te zetten.

In deze opmerkelijke zaak was een batterij aan deskundigen opgetrommeld. Vanuit verschillende disciplines luidde de conclusie dat deze patiënt geen kant uit kon en door de omstandigheden min of meer gedwongen was om zelf de tientallen planten te telen. Omdat hij te maken had met een conflict van plichten bevond hij zich in dit speciale geval in een noodtoestand waardoor hij een succesvol beroep kon doen op straffeloosheid. Daar was heel wat voor nodig, zo leert de uitspraak. De Hoge Raad hield hem uiteindelijk de hand boven het hoofd.

De 5-plantenregel is maatgevend

Een jaar later probeerde een teler uit Brabant zichzelf te verdedigen in een zaak waarin 34 planten de hoofdrol opeisten, waaronder 27 stekken. Vier planten vielen onder het gedoogbeleid en de overige 30 planten dienden voor medicinaal gebruik, zo voerde de verdachte aan. De verdachte verdedigde zich door te zeggen dat hij lijdende was aan ADHD, maar kon niet goed uitleggen waarom hij uitsluitend afhankelijk was van cannabis. Het hof had geen genade met een pleidooi waarin werd betoogd dat dit voor medicinaal gebruik was. Het vervolgingsbeleid van maximaal vijf planten gold als maatgevend in deze zaak en het verhaal van deze verdachte werd naar de prullenbak verwezen.

In een andere zaak voerde een patiënt aan dat hij echt niet anders kan dan enkele tientallen planten voor strikt eigen medicinaal gebruik te kweken. Ook hier is de vijf planten regel leidend. De politie nam alles wat meer was in beslag en liet deze patiënt verder met rust.

Lees meer


xtr

Thuisteler: wat mag wel en niet ? januari 2016

De thuisteelt van maximaal 5 planten voor eigen (medicinaal) gebruik is bijzonder populair, blijkt uit de vele vragen die ik daarover krijg. Daarom zet ik de belangrijkste feiten nog eens op een rijtje.

Word ik ontruimd?

De vraag of kleinschalige thuisteelt kan leiden tot ontruiming uit jouw huurwoning valt niet met een simpel ja of nee te beantwoorden. Kijk allereerst eens goed in jouw huurcontract. Staat er niet in dat cannabisteelt contractueel is verboden, dan zal een veilig kweekkasje niet snel leiden tot ontruiming. Staat er wel een verbod in dan zal het groene goed wel snel tot problemen kunnen leiden en kan dit, als de rechter de wanprestatie voldoende ernstig vindt, tot ontruiming leiden. Dat zal zeker het geval zijn als de stroom illegaal is afgetapt. Dan is in de ogen van de rechter sprake van een ‘gevaarzettende situatie’. Veel hangt af van de concrete omstandigheden.

Kweekkas: wel of niet toegestaan?

Er bestaat veel verwarring over de hulpmiddelen die in de praktijk vaak worden gebruikt. Je kweekt binnen toch het beste in een kweektent met lamp en luchtafvoer. Dat is op het eerste gezicht niet toegestaan omdat in een bijlage van de Aanwijzing Opiumwet staat vermeld dat als je twee of meer hulpmiddelen gebruikt de teelt – ongeacht het aantal planten – wordt beschouwd als beroeps- of bedrijfsmatig handelen.

Je mag dus maar 1 hulpmiddel hebben en daar kom je in de praktijk niet ver mee. Daarmee maakt het openbaar ministerie de straffeloze thuisteelt tot een toezegging die in de praktijk een loze belofte is. Het is natuurlijk van de zotte dat een kweekkas zoals door Rollingstoned.nl wordt geleverd voor de teelt van maar liefst één plant als beroepsmatige teelt wordt beschouwd. Daarmee schiet je het doel van de 5 planten-regel volledig voorbij. Maar zo staat het in de regels.

Toch zit het anders in elkaar.

Waar het naar mijn mening om gaat is het doel van het telen. De belangrijkste vraag is of je uitsluitend teelt voor eigen gebruik of dat je ook (een deel) verkoopt. De 5 planten-regel is bedacht om de consument in de gelegenheid te stellen zijn eigen cannabis te laten telen. Hoe hij dat doet lijkt toch van minder belang zolang het veilig is en hij alleen teelt voor eigen consumptie. Door deze dagelijkse pesterijen is het bewijs geleverd dat de vijf planten-regel  in de praktijk alleen werkt als het aantal hulpmiddelen er niet toe doet en de politie deze telers met rust laat.

Ik heb enkele dossiers van mensen die ooit gepakt zijn met een kweekkasje met een paar planten (soms meer dan vijf) en allerlei hulpmiddelen. Niemand is hier ooit voor vervolgd. Dit zou eigenlijk eens moeten gebeuren, zodat er duidelijkheid zou komen. Het doel van de teelt bepaalt de vraag of de vijf planten als straffeloos worden beschouwd, niet het aantal gebruikte attributen.

Het vervelende is dat in de praktijk de politie de kleine thuisteler pest door kweekkassen met planten in beslag te nemen. De politie denkt in grote stappen snel thuis. Zodra er meer dan één hulpmiddel aanwezig is wordt alles inbeslaggenomen.

Er zijn legio voorbeelden van dergelijke pesterijen. Zo kreeg ik vorige week een email van een medicinale roker bij wie de politie 5 planten uit de tuin had getrokken zodat deze patiënt nog vaker naar de coffeeshop moet. Hij moet zoveel roken dat hij zelf moet telen om de cannabis die hij koopt aan te vullen en dat kan hij nu niet meer.

Ook VOC-voorzitter Derrick Bergman moest afgelopen jaar ervaren dat de politie in zijn tuin aan het schoffelen was geslagen en zijn handvol wietplanten meenam. Derrick deed bewust geen afstand om vervolging uit te lokken. Tot op heden is dat niet gebeurd.

Een ander had 24 planten staan waarvan de politie er 19 meenam en er 5 liet staan. Bizar.

De verdachte wordt niet vervolgd als hij afstand doet van de spullen en de planten, dat wil zeggen dat je je niet verzet tegen inbeslagname. Ik adviseer om nooit afstand te doen en uit te leggen dat het voor eigen gebruik is. De wetgever heeft uitgelegd dat je dan wel meerdere hulpmiddelen mag gebruiken.

Als de officier van justitie weigert te vervolgen raad ik iedereen aan de teruggave van de kas met planten te vragen en vervolgens een klacht bij de Nationale Ombudsman in te dienen.

Dat de wereld niet zo simpel in elkaar zit als de politie denkt zal ik nu uitleggen. Zolang er wordt geteeld voor eigen gebruik met veel hulpmiddelen is daar niets beroepsmatigs aan.

Dit oordeel ligt ook besloten in de uitspraak van de rechtbank Gelderland in de zaak tegen growshop Plantarium. De rechtbank was van mening dat als iemand een volledige kweekuitrusting koopt voor zijn kleinschalige thuisteelt dit niet als beroeps- of bedrijfsmatig wordt beschouwd,  aangezien de verkoper zich beperkte tot de kleine hobbyteler die voor eigen gebruik kweekt.

In de Plantarium-zaak was dit expliciet aangevoerd. Vorige week deed de rechtbank Zeeland/Oost-Brabant uitspraak over een growshop die het niet erg handig had aangepakt en een weinig overtuigend verweer had gevoerd. Deze exploitanten werden veroordeeld tot een boete van € 10.000. De rechtbank overwoog over thuisteelt dat ‘ook teelt van vijf planten of minder kan worden aangemerkt als beroeps- of bedrijfsmatige teelt. Dit geldt in situaties waarin aan twee of meer indicatoren voor professionele teelt, zoals opgenomen in een bijlage van de Aanwijzing, is voldaan en indien er sprake is van teelt voor geldelijk gewin.’

Het gaat dus niet alleen om het arsenaal aan kweekbenodigdheden.

Conclusie

De conclusie luidt dus dat enkel het gebruik van allerlei kweekbenodigdheden niet automatisch tot de slotsom leidt dat sprake is van beroepsmatige of bedrijfsmatige teelt. Er moet tevens sprake zijn van geldelijk gewin. Het doel van de teelt moet dus mede zijn gericht op verkoop. Zolang je kunt uitleggen dat jouw planten alleen voor eigen consumptie zijn bedoeld en er geen aanwijzingen zijn dat dit niet zo is zit je goed. Dat is een hele geruststelling.

 

Amsterdam, 26 januari 2016

Bron VVSadvocaten


 

Rechter: grootte hennepplanten maakt niet uit

Publicatie:
di 12 april 2016 13.30 uur

LEEUWARDEN – Iedereen die weleens een jointje opsteekt weet het: als je niet meer dan vijf wietplanten in huis of in je tuin hebt, dan knijpt Justitie een oogje toe. Vijf planten worden gedoogd. Wietplanten die buiten staan, hebben echter de neiging om een stuk groter te worden dan planten die binnenshuis worden geteeld. Buitenplanten zouden veel meer hennep opleveren omdat die groter worden dan binnenplanten.

Dan blijft de vraag: moet je iemand voor de rechter slepen op basis van de opbrengst van de planten, of van het aantal planten dat hij in de tuin heeft staan. Officier van justitie Margreeth Meijer had een 38-jarige Drachtster gedagvaard op basis van de grootte van de vijf planten die hij in de tuin had staan. In eerste instantie had de Drachtster een transactievoorstel thuisgestuurd gekregen.

Als hij 250 euro betaalde, dan zou zijn zaak niet aan de rechter voorgelegd worden. Met de wetenschap dat vijf planten wordt gedoogd, was de Drachtster niet akkoord gegaan met het schikkingsvoorstel. De man had op 14 september vorig jaar vijf hennepplanten in de tuin, van zo’n 1.70 meter hoog. De planten waren bijna volgroeid. De officier vond dat de vijf-planten regel in dit geval niet opging.

De planten waren zo groot dat volgens Meijer eerder gesproken moest worden van hennepbomen of -struiken. ‘Dit zijn hele grote planten’, stelde Meijer. Die leveren heel veel hennep op, veel meer dan de toegestane gebruikershoeveelheid van 30 gram. En dus stond ze in haar recht door de Drachtster te dagvaarden, was de redenering van de officier. Ze baseerde zich op uitspraken van de rechtbank Maastrcht, in 2005, en het gerechtshof in Den Bosch, in 2010.

Er ligt echter nog een uitspraak van het hoogste rechtsorgaan in Nederland. In juni 2012 besliste de Hoge Raad dat het aantal hennepplanten doorslaggevend is, zolang niet kan worden vastgesteld dat de hennep afkomstig is van meer dan vijf planten. Zolang er geen sprake is van beroeps- of bedrijfsmatige teelt geldt de oude gedoogregel van vijf planten.

De Drachtster zei dat de wiet uitsluitend voor eigen gebruik was. Toen hij zonder werk was komen te zitten, hij ermee begonnen. Rechter Bauke Jansen concludeerde dat de opbrengst van de planten voor privé-gebruik was en dus niet bestemd was voor de verkoop. ‘Het OM had deze zaak niet moeten oppakken’, concludeerde de rechter. De Drachtster werd vrijgesproken.

Bron